CMA-onderzoek en reputatieschade voor de sector

Het onderzoek van de Competition and Markets Authority (CMA) naar de privétandheelkunde en berichten over teruggegeven NHS-gelden hebben zorgen opgeroepen over mogelijke reputatieschade voor de tandartsenbranche. Media-aandacht doet vrees groeien voor heropflakkering van berichten over 'hebzuchtige tandartsen'. De BDA en Eddie Crouch hebben volgens de auteur echter goed werk verricht om het publiek een meer evenwichtig beeld van de beroepsgroep te geven.

Het vertrouwensmodel tussen patiënt en tandarts

Het vertrouwen van het publiek in de beroepsgroep is van belang voor onderhandelingen met overheden en contractuele kaders. Toch blijkt het vertrouwen dat patiënten in hun eigen tandarts hebben meestal sterker dan hun twijfels over de sector als geheel. Dit fenomeen laat zich verklaren via het Trust Equation (uit 2000), een model dat vertrouwen opbouwt uit vier componenten: geloofwaardigheid (wat iemand zegt), betrouwbaarheid (wat iemand doet), intimiteit (emotioneel vertrouwen) en afwezigheid van zelfgerichtheid.

De auteur stelt dat patiënten die de financiële middelen hebben meestal liever bij hun vertrouwde tandarts blijven dan over te stappen naar een onbekende, zelfs als dat goedkoper uitkomt. Dit verklaart ook waarom veel praktijken groeien via verwijzingen. Een tandartsdiploma garandeert geloofwaardigheid, maar betrouwbaarheid groeit over tijd en emotionele verbinding ontstaat niet meteen.

Cosmetische tandheelkunde volgt ander patroon

Bij cosmetische behandelingen gedraagt zich patiënten anders. Sommige patiënten gaan naar onbekende aanbieders voor esthetische ingrepen, terwijl zij hun reguliere controles bij hun vertrouwde tandarts ondergaan. De extreme vorm hiervan zijn de zogenaamde 'Turkey teeth'. Dit gedrag suggereert dat patiënten voor electieve zorg als 'consumenten' optreden, zich meer bewust zijn van hun keuzes en vatbaarder zijn voor marketing. Volgens de auteur speelt ook onvoldoende interne marketing door hun vertrouwde tandarts een rol.