Nieuw kabinet wijzigt koers op zzp-regelgeving

Het kabinet-Jetten heeft besloten het wetsvoorstel Vbar (Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden) gedeeltelijk naast zich neer te leggen. Minister Aartsen van Werk en Participatie schrapt het eerste deel van Vbar, dat de grens tussen zelfstandigheid en loondienst zou verduidelijken. In plaats daarvan zet het kabinet in op de Zelfstandigenwet, een initiatief dat nog uitgewerkt moet worden. Wel gaat het rechtsvermoeden uit Vbar door: zzp'ers met een uurtarief onder 38 euro kunnen op basis hiervan een arbeidsovereenkomst opeisen.

Wat verandert met de Zelfstandigenwet

De Zelfstandigenwet bestaat uit vier kernelementen: zelfstandigentoets, werkrelatietoets, sectoraal rechtsvermoeden en een commissie voor beoordeling van het toetsingskader. Het wetsvoorstel is echter nog in conceptfase en vereist aanzienlijke uitwerking. Open vragen zijn onder meer welke rechtskracht een sectoraal rechtsvermoeden heeft en hoe dit voor de mondzorg uitwerkt, en wat de invloed is van uitspraken van de beoordelingscommissie op bestaande wettelijke begrippen.

Deliveroo-zaak blijft maatstaf tot nieuw kader gereed is

Gezien de omvang van de uitwerking is niet te verwachten dat de Zelfstandigenwet op korte termijn wettelijk kader wordt. Voorlopig geldt nog het huidige stelsel, waarbij de Hoge Raad-uitspraak in de zaak Deliveroo de norm vormt. Deze uitspraak bevat negen elementen waaraan arbeidsrelaties worden getoetst in een holistische beoordeling. Onderzoek toont aan dat rechters extra aandacht geven aan hoe werkzaamheden en werktijden worden bepaald en aan ondernemerschap buiten de betrokken relatie. Sinds 1 januari 2025 hanteert de Belastingdienst geen moratorium meer en kan zij weer controles uitvoeren en naheffingen opleggen.